Påske

Als men ergens lang woont, blijft er een stukje achter van je of neem je een stukje mee van daar. Ik heb dat met Noorwegen. 

In 1992 vertrok ik daarheen. De bedoeling was ‘Erasmus’. Maar dat jaar werd het uitwisselprogramma afgeschaft, geen budget of zo, de ware toedracht weet ik niet meer. Klein probleempje: ik was al ter plaatse omdat het academiejaar daar begin augustus startte en in België pas in oktober. Half augustus viel de beslissing in België, zonder rekening te houden met andere startdata.

Het werd een hectische bedoening met een halve maand in een canadezen-tentje slapen op een camping, vele kilo- en hoogtemeters van de universiteit vandaan. Het regende elke dag en ik had geen droog blad papier meer om maar te zwijgen over kleren en beddengoed.

Mijn fiets had geen versnellingen en was ook niet van dat moderne carbon maar van gietijzer of althans iets van gelijk gewicht. Ik stond op het punt om alles op te geven. Ik had nog anderhalve maand vakantie als ik op dat moment naar huis vertrok. Ik zou nog kunnen reizen, genieten van een zomer voor mijn laatste universiteitsjaar inging. Ik probeerde het positieve te zien van terugkeren. Maar opeens, als een deus ex machina, stond daar de rosharige viking met zijn eigen boot; professor Olav Vaagland (spreek uit: ‘WVocklan’) genoemd.

Hij stelde voor dat ik bij hem en zijn gezin zou komen wonen op het mooie eiland Askøy en niet slechts voor de Erasmus-3-maanden maar voor het hele academiejaar als ingeschreven reguliere student. Ik hapte toe, kreeg de kamer van zijn zoon die als arts naar Afrika was vertrokken en realiseerde me toen dat ik als reguliere student geen les in het Engels zou krijgen maar in het Noors.
Lang verhaal kort: alles lukte. Ik volgde het hele academiejaar, haalde onderscheiding, schreef mijn jaarwerk in het Noors, deed mondeling examen in een taal die ik een jaar ervoor alleen kende van het Eurovisiesongfestival.

Ik ging elke dag naar de universiteit met de kleine ferry, maakte vrienden, deed vrijwilligerswerk vanwege mijn oneindige dankbaarheid dat alles in orde gekomen was, ging zeilen in de weekenden in de Byfjord en heel veel fietsen en wandelen op het eiland en in Bergen, de mooiste stad van de wereld. De natste ook – naar het schijnt – maar het was, toen ik eenmaal op het eiland woonde, het droogste en zonnigste jaar ooit.

Vele feesten maar vooral Kerst en Pasen katapulteren me nu nog terug naar Askøy, Bergen, Noorwegen. 

Påske (spreek uit: Poske) dit weekend, en ik was er even weer. De rode huisjes, het hoge Pettson en Findus* gehalte, kippen, eieren, de ontbijtgezelligheid van het Paasweekend. 

 

* Ik weet dat Pettson en Findus Zweeds zijn, maar ik leerde ze kennen als Gubben og Katten in het Noors en ze zijn onlosmakend verbonden met de sfeer van Scandinavië voor mij.  

Ja, jeg elsker dette landet.

En påskeskum, kartonnen eieren, påskekylling, sinaasappels, lezen, wandelen, solveggen en dit ‘klein Noorwegen’ in mijn achtertuin.

God Påske!

Ontvang meldingen omtrent reacties via mail
Ontvang een mail bij
4 Reacties
Oudste
Nieuwste
Inline Feedbacks
View all comments
marc van eylen
30 maart 2024 18:13

wat een mooi avontuur…..top….

Anne-Marie
30 maart 2024 18:15

Zoals altijd, prachtige tekst

© 2024 Jennifer Vrielinck | Alle rechten voorbehouden